Platform GRAS CBK presenteren

STAAT IN GRONINGEN

Kunst en architectuur in Stad

Architectuur Kunst
vergroot

Selwerderhof

Groen

De begraafplaats Selwerderhof lag vanaf de beginjaren (1939) aan de destijds perifere noordrand van de stad Groningen, ver buiten de bebouwing. Inmiddels heeft de stad haar met bebouwing omarmd en is er slechts aan de noordzijde aan het Van Starkenborghkanaal nog een open gebied te herkennen. Het totale gebied is ongeveer 50 ha. groot waarvan momenteel ongeveer 30 ha. in gebruik is als begraafplaats. Het resterende gedeelte is niet opgehoogd en inmiddels ecologisch zeer waardevol.

Het ontwerp waarvoor L.W. Copijn (1939) de basis legde, werd in 1942 uitgewerkt door J. Vroom jr. Tijdens de Tweede Wereldoorlog kwamen de werkzaamheden stil te liggen. In 1946 nam Vroom de verdere uitwerking ter hand.

Als gevolg van de lage ligging van het gebied werd het drie meter opgehoogd. Dit in verband met de drooglegging die nodig is voor ontbindingsprocessen. Met deze ophoging werd in 1939/1940 gestart, met zand afkomstig uit het gebied dat nu het Foxholstermeer heet, nabij Hoogezand.

Het totaalontwerp is gebaseerd op een Engelse landschappelijke stijl met een duidelijke hiërarchie tussen de hoofdpaden en de secundaire paden. De ruimtes tussen de padenstructuur vormen afzonderlijke ‘kamers’, elk met een eigen karakter dat bepaald wordt door beplanting, water, bebouwing of zichtlijnen. Een opvallend kenmerk hierbij is dat de regels bij het begraven in de loop der jaren zijn veranderd. Dit is duidelijk zichtbaar in het park: vanaf de entree liggen de grafmonumenten strak op een rij en naarmate het terrein zich in noordelijke richting ontwikkelt, wordt het patroon steeds vrijer qua ligging, vorm en uitvoering, met als laatste deel het ‘vrije veld’ (geheel noordelijk gelegen, tegen de groene omranding).

Vanaf de entree van de begraafplaats vormt de hoofdas met de bijzondere kastanjes (Aesculus hippocastanum ‘Baumannii’) een symbolische toegang: via de donkere tunnel van kastanjes wordt de bezoeker naar ‘het licht’ geleid nabij de huidige aula. In het ontwerp is een grote open ruimte richting het zuiden herkenbaar, die bedoeld is om het zicht op de Martinitoren te behouden. Over het algemeen valt het park te waarderen vanwege zijn historische/stedenbouwkundige en landschappelijke waarden die tot uiting komen in de bijzondere parkaanleg met monumentale assen en padenverloop, beplanting en de twee monumentale aula’s.

Crematorium - Wegerif, A.H.

Crematorium

Crematoriumlaan 6 | crematorium | 1959

Architectuur
Krullend Lint - Maaike  Bokma

Krullend Lint

Iepenlaan 204 | vormgeving | 2008

Kunst
Leven en dood - Anne  Dekking-van Haeften

Leven en dood

Crematoriumlaan 6 | vrijstaande sculptuur | 1962

Kunst
Liggende vrouw - Ludwig Oswald  Wenckebach

Liggende vrouw

Iepenlaan 104 | vrijstaande sculptuur | 1934

Kunst
Theehuis Selwerderhof - Wilhelm, J.H.M.

Theehuis Selwerderhof

Iepenlaan 204 | Aula | 1951

Architectuur
Zonder titel - José  Pirkner

Zonder titel

Crematoriumlaan 6 | kunst in/aan bouwwerk | 1962

Kunst
Zonder titel - Hans  Ittmann

Zonder titel

Iepenlaan 204 | vrijstaande sculptuur | 1971

Kunst
Zonder titel (Indië Monument) - Anne  Hilderink

Zonder titel (Indië Monument)

Iepenlaan 204 | monument | 2002

Kunst
logo logo logo

Platform GRAS en het CBK Groningen bieden u deze website aan. Met dank aan de Gemeente Groningen.
Colofon | Proclaimer