Platform GRAS CBK presenteren

STAAT IN GRONINGEN

Kunst en architectuur in Stad

vergroot

Groeisymbool

  • Door: Nataja Oosterbaan
  • In: Straatmagazine De Riepe
  • Plaats en datum van uitgave: Groningen, 2017

Groeisymbool

Vlakbij winkelcentrum Paddepoel in Groningen ligt een vijver. Er rijst een groeisymbool uit op. Wie zonder voorkennis zou moeten raden hoe groei precies verbeeld kan worden, komt misschien uit op een beeld van moeder met kind. Of op een bloeiende boom. Monet schilderde een bloeiende vijvertuin, terwijl de 19e-eeuwse schilder Caspar David Friedrich een eenzame wandelaar schilderde, die over een groots en meeslepend natuurtafereel uitkijkt. Innerlijke groei, zo was de boodschap, kan niet gevonden worden in de geïndustrialiseerde stad, maar in de krachtige en eenzame natuur.

In Paddepoel wordt groei anders gesymboliseerd. Kunstenaar Jacob van der Meij plaatste in de stadsvijver een zeven meter hoge fontein, die is opgebouwd uit veertien waterschotsen, en drie aluminiumbetonnen pilaren. Ze zijn grillig van vorm en lijken op de eroderende restanten van afgetakelde bomen. Een fontein spuit waterstralen langs hun silhouetten, en de schotsen vangen het water klaterend op. Een onderwaterverlichting zet het fonteinbeeld ’s avonds in wit licht.

Het werk doet me denken aan een bekend sonnet van Shakespeare. Hierin vergelijkt hij het verjaren van de mens, het ouder worden en het benaderen van de dood, met het seizoen van de herfst, en met een boom die al zijn bladeren verliest. Daardoor blijft slechts het karkas van de boom over; haar stam, die hij vergelijkt met de ruïne van een kerk, waar enkel nog de echo van vroeger vogelzang in klinkt; dat wat ooit was. Hout heeft een bijzondere functie in Shakespeares gedicht, omdat het niet alleen gekapt en gebruikt wordt om ons mensen warm te houden, maar ook omdat hout eenzelfde levenscyclus (geboorte, groei en afsterven) doormaakt als wij mensen. Zodra het hout is opgebrand, dooft het vuur. Net zoals een mensenleven oplaait in de jeugd, en uiteindelijk uitdooft zodra de levensenergie is opgebruikt. We zien de as hiervan nog oplichten in het dovende vuur, wat de dichter vergelijkt met onze oude dag en het laatste oplichten van de herinneringen aan de jeugd. Maar dan is de cirkel uiteindelijk toch echt weer rond.

Het is vergezocht om dit Paddepoelse kunstwerk met een gedicht van Shakespeare te vergelijken, en kunstenaar Jacob van der Meij heeft aangegeven ook daadwerkelijk iets heel anders in gedachten te hebben gehad. Voor hem symboliseert het kunstwerk openbarstende aarde. De drie pilaren rijzen uit het water als ‘poliepen’ en de verlichting bij nacht verbeeldt de oerkracht en energie van de aarde. Ik houd het persoonlijk liever bij Shakespeare..

Maar er is meer, want Van der Meij wilde met zijn werk ook een reactie geven op de huidige maatschappijstructuur, “waarin een vervlakkend horizontalisme overheerst, een verkillende supermarktsfeer, een gebrek aan verwondering; aan emotie bij een opgaande zon, aan eerbied voor een eeuwenoude boom”. Het kunstwerk symboliseert daarmee de oude natuur, en het oorspronkelijke gebouw dat als achtergrond fungeerde voor het werk (toen het in 1973 werd geplaatst) was een betonnen monstruositeit, die inderdaad heel eenvoudig symbool kon staan voor de kille verzakelijkte maatschappij. Het feit dat dit gebouw later tegen de vlakte is gegaan, bewijst maar weer dat de natuur (zelfs als deze door mensenhanden is nagebootst) uiteindelijk toch overwint.

Lees meer

logo logo logo

Platform GRAS en het CBK Groningen bieden u deze website aan. Met dank aan de Gemeente Groningen.
Colofon | Proclaimer